De Nederlandse Brandwonden Stichting is in 1971 opgericht met als doelstellingen het geven van voorlichting over het voorkomen van brandwonden en het ondersteunen van onderzoek naar de behandeling van brandwonden.

Omdat het gebruik van donorhuid bij de behandeling van ernstige brandwonden steeds groter werd, besloot de Brandwonden Stichting in 1976 tot de oprichting van een centrale Nederlandse Huidbank.


Toepassing donorhuid

Donorhuid kan worden toegepast als " biologisch" verband bij de behandeling van tweedegraads brandwonden. (zie foto) De donorhuid wordt na het schoonmaken van de wond toegepast.

Donorhuid geeft een sterke pijnvermindering en functioneert als tijdelijke vervanger voor de verbrande eigen huid. De donorhuid vormt een wondkorst, waaronder een snelle, groei van nieuwe huid plaatsvindt. De ingedroogde korst laat dan los. (zie foto loshalen donorhuid)

2e graads brandwond loshalen donorhuid hypertrofie

Door deze behandeling is de kans op het ontstaan van een hypertrofisch litteken aanzienlijk verminderd. (zie foto hypertrofie)
Donorhuid wordt ook wel toegepast bij mensen die een diepe verbranding hebben over een groot oppervlak van het lichaam. De verbrande huid wordt verwijderd en de donorhuid wordt erop gelegd. Binnen veertien dagen wordt de donorhuid dan weer vervangen door andere donorhuid. Deze procedure wordt herhaald tot de wonden met de eigen huid (autotransplantaat) bedekt kunnen worden.

Een andere toepassing is de "dubbelbedekking" bij derde graads brandwonden.
Na verwijdering van dode huid wordt de wond bedekt met eigen huid. Daaroverheen gaat de donorhuid ter bescherming.
Verder kan donorhuid dienen als bedekking van grote of moeilijke huiddefecten, ter voorbereiding van een transplantatie met eigen huid.


Procedure huidafname en bewerking van donorhuid

De melding van een huiddonor komt binnen via het BIS, een onderdeel van Eurotransplant.


De arts uit het betreffende ziekenhuis heeft eerst gecontroleerd of de doodsoorzaak, leeftijd (tussen 20 en 80 jaar) en de voorgeschiedenis van de patiënt geen belemmering leveren voor huiddonatie.

Vervolgens pleegt de arts het donorregister om te zien of er toestemming van de patiënt zelf is om huid af te staan. Indien de donor binnen 3 uur wordt gekoeld, heeft het afnameteam tot 24 uur de tijd om de huid af te nemen (zie foto). Beverwijk gaat er dan een team naar het desbetreffende ziekenhuis.

Van de rug, benen en bovenarmen wordt een laagje huid van 0,2 mm afgenomen. Dit gaat in een oplossing van glycerol 50% naar het laboratorium van de huidbank. Glycerol is een middel dat wordt gebruikt bij het conserveren van de huid. Het voordeel van het gebruik van Glycerol is dat het een anti-bacteriële en antivirale werking heeft.

In het laboratorium van de huidbank worden de huidlapjes uitgerold en in een schudmachine geplaatst om de vloeistof (inmiddels glycerol 70%) goed in te laten werken.




Schudmachine Bacterie-cultuur Kleine containertjes

Als laatste gaat de donorhuid in glycerol 85% en wordt in een koelkast van 4°C geplaatst. In de tussentijd zijn er diverse laboratoriumproeven in gang gezet. Het bloed wordt onderzocht op aanwezigheid van hepatitis, syfilis en AIDS. De huidlapjes worden onderzocht op bacteriën. (zie foto bacterial culture)

Pas als alle laboratorium uitslagen binnen zijn en bovendien negatief dan wordt de donorhuid opgemeten en verpakt in kleine containertjes. (zie foto esb11)

Deze kunnen 5 jaar in de koelkast worden bewaard.